24-07-08

17DE (ZEVENTIENDE) ZONDAG DOOR HET JAAR

Eerste lezing : 1 K 3,5.7-12 .

In die dagen verscheen de Heer 's nachts in een droom aan Salomo en zei: "Wat wilt ge dat Ik u geef?" Salomo antwoordde: "Heer mijn God, Gij hebt uw dienaar tot koning verheven als opvolger van mijn vader David, hoewel ik maar een jonge man ben en nog niet weet wat ik doen of laten moet. Zo staat uw dienaar temidden van het volk dat Gij uitverkoren hebt, een groot volk, zo groot dat het niet te tellen of te schatten is. Geef dus uw dienaar een opmerkzame geest, om recht te kunnen spreken voor uw volk en onderscheid te kunnen maken tussen goed en kwaad. Want wie is in staat recht te spreken voor dit grote volk van U?" Dit verzoek van Salomo behaagde de Heer. En God zei tot hem: "Omdat ge juist dit gevraagd hebt en niet gevraagd hebt om een lang leven en ook niet om rijkdom, evenmin om de dood van uw vijanden, maar omdat ge inzicht gevraagd hebt om recht te kunnen spreken, daarom voldoe Ik aan uw verzoek en geef Ik u een geest vol wijsheid en begrip, zoals voor u niemand ooit heeft gehad en ook na u niemand zal hebben."

Tweede lezing : Rom 8,28-30 . Verwijzing : Rom 8,28-30 .

Broeders en zusters, wij weten, dat God in alles het heil bevordert van die Hem liefhebben, van hen die volgens zijn raadsbesluit geroepen zijn. Want die Hij tevoren heeft gekend, heeft Hij ook tevoren bestemd tot gelijkvormigheid met het beeld van zijn Zoon, opdat Deze de eerstgeborene zou zijn onder vele broeders. Die Hij heeft voorbestemd, heeft Hij ook geroepen. Die Hij riep, heeft Hij gerechtvaardigd, en die Hij rechtvaardigde, heeft Hij verheerlijkt.

Evangelie : Mt 13,44-46 . Verwijzing : Mt 13,44-46 .

In die tijd zei Jezus tot de menigte: "Het Rijk der hemelen gelijkt op een schat, verborgen in een akker. Toen iemand hem vond, verborg hij hem weer, en in zijn blijdschap ging hij alles te gelde maken wat hij bezat en kocht die akker. Ook gelijkt het Rijk der hemelen op een koopman, op zoek naar mooie parels. Toen hij een parel van grote waarde had gevonden, ging hij alles verkopen wat hij bezat en kocht haar."

09:07 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

18DE (ACHTTIENDE) ZONDAG DOOR HET A-JAAR

Eerste lezing : Js 55,1-3 .

Zo spreekt God de Heer: "Komt naar het water, gij allen die dorst lijdt! Ook gij die geen geld hebt, komt toch. Komt kopen, geniet zonder geld en zonder te betalen. Komt kopen wijn en melk. Wat geeft gij uw geld voor iets dat geen brood is? Wat geeft gij uw arbeid voor iets dat niet voedt? Luistert, luistert naar Mij: dan eet gij wat goed is, dan verzadigt gij u aan heerlijke spijs. Neigt uw oor en komt naar Mij en luistert en gij zult leven."

Tweede lezing : Rom 8,35.37-39 . Verwijzing : Rom 8,35.37-39 .

Broeders en zusters, wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking wellicht of nood, vervolging, honger, naaktheid, levensgevaar of het zwaard? Over dit alles zegevieren wij glansrijk, dank zij Hem die ons heeft liefgehad. Ik ben ervan overtuigd, dat noch de dood noch het leven, noch engelen, noch boze geesten, noch wat is noch wat zal zijn, en geen macht in den hoge of in de diepte, nocenig wezen in het heelal ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, die is in Christus Jezus onze Heer.

Evangelie : Mt 14,13-21 . Verwijzing . Mt 14,13-21 .

In die tijd voer Jezus in een boot naar een eenzame plek om alleen te zijn. Maar het volk kwam dit te weten en zij gingen Hem van uit hun steden te voet achterna. Toen Hij bij zijn landing dan ook een grote menigte zag, kreeg Hij diep medelijden met hen en Hij genas hun zieken. Tegen het vallen van de avond kwamen zijn leerlingen naar Hem toe en zeiden: "Deze plek is eenzaam en het is al laat op de dag. Stuur dus het volk weg om in de dorpen eten te gaan kopen." "Het is niet nodig dat zij weggaan, zei Jezus hun, geeft gij hun maar te eten." Doch zij antwoordden: "Wij hebben hier niet meer dan vijf broden en twee vissen." Waarop Jezus sprak: "Brengt die dan hier." En Hij gaf opdracht dat het volk zich zou neerzetten op het gras. Hij nam de vijf broden en de twee vissen, sloeg de ogen ten hemel, en nadat Hij de zegen had uitgesproken, brak Hij de broden die Hij aan zijn leerlingen gaf en de leerlingen gaven ze weer aan het volk. Allen aten tot ze verzadigd waren en aan overgebleven brokken haalde men nog twaalf volle korven op. Het waren ongeveer vijfduizend mannen die hadden gegeten, vrouwen en kinderen niet meegerekend.

09:02 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

18-07-08

16DE (ZESTIENDE) ZONDAG DOOR HET A-JAAR

Eerste lezing : W 12,13.16-19 .

Naast U is er geen andere God, die zorg draagt voor alles, geen andere God, voor wie Gij waar zoudt moeten maken, dat Gij niet onrechtvaardig hebt geoordeeld. Uw macht is de grond van uw rechtvaardigheid, en omdat Gij over allen heerst, behandelt Gij allen ook met zachtheid. Waar men aan uw volstrekte macht niet gelooft, daar toont Gij uw kracht en bij degenen die haar ervaren hebben neemt Gij alle grond tot overmoed weg. Gij echter, die over de macht beschikt, met veel zachtheid spreekt Gij uw oordeel uit en Gij bestuurt ons met veel goedertierenheid, want Gij kunt uw macht tonen, wanneer Gij maar wilt. Door zo te doen hebt Gij uw volk geleerd, dat de rechtvaardige een vriend van de mensen moet zijn, en hebt Gij uw zonen hoopvol gestemd dat Gij daar waar gezondigd wordt de kans tot inkeer biedt.

Tweede lezing : Rom 8,26-27 . Verwijzing : Rom 8,26-27 .

Broeders en zusters, de Geest komt onze zwakheid te hulp. Want wij weten niet eens hoe wij behoren te bidden, maar de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen. En Hij die de harten doorgrondt, weet waar de Geest op zint, want Hij pleit voor de heiligen naar Gods bedoeling.

Evangelie : Mt 13,24-30 . Verwijzing : Mt 13,24-30 .

In die tijd hield Jezus de menigte deze gelijkenis voor: "Het Rijk der hemelen gelijkt op een man die op zijn akker goed zaad had gezaaid; maar terwijl de mensen sliepen, kwam zijn vijand, zaaide onkruid tussen de tarwe en ging heen. Toen de halmen opgeschoten waren en vrucht hadden gezet, was ook het onkruid te zien. Nu gingen de knechten naar hun meester en zeiden hem: Heer, ge hebt toch goed zaad op uw akker gezaaid? Hoe komt dan dat er onkruid op staat? Hij antwoordde hun: Dat is het werk van een vijand. De knechten zeiden tot hem: Wilt ge dan dat we het bijeengaren? Maar hij zei: Neen, ik ben bang dat ge, wanneer ge het onkruid bijeengaart, de tarwe mee uittrekt. Laat beide samen opgroeien tot de oogst, en met de oogsttijd zal ik de maaiers zeggen: Haalt eerst het onkruid bijeen en bindt het in bussels om te verbranden; maar slaat de tarwe op in mijn schuur."

15:59 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

24-06-08

29 JUNI : PETRUS EN PAULUS

Eerste lezing : Hnd 12,1-11 . Verwijzing : Hnd 12,1-11 .

Omstreeks die tijd legde koning Herodes de hand op enkele leden van de Kerk om hen te mishandelen: Jakobus, de broer van Johannes, liet hij met het zwaard ter dood brengen. Omdat hij bemerkte dat dit de Joden aangenaam was liet hij ook nog Petrus gevangen nemen. Het was juist in de dagen van het ongedesemde brood. Toen hij hem in handen had gekregen wierp hij hem in de gevangenis en liet hem bewaken door vier groepen soldaten, elk van vier man; het was zijn bedoeling Petrus na het paasfeest voor het volk te leiden. Terwijl Petrus in de gevangenis zat werd door de Kerk vurig voor hem tot God gebeden. In de nacht vóórdat Herodes hem wilde laten voorleiden, lag Petrus met twee kettingen vastgebonden te slapen tussen twee soldaten, terwijl ook voor de poort van de gevangenis wacht werd gehouden. Opeens stond een engel des Heren bij hem en was de cel hel verlicht. Hij stootte Petrus in de zij, wekte hem en sprak: "Sta vlug op." Meteen vielen de kettingen van zijn handen. Vervolgens zei de engel: "Doe uw gordel om en bind uw sandalen onder." Petrus deed het. De engel hernam: "Sla uw mantel om en volg mij." Hij ging mee naar buiten zonder nog te beseffen dat het werkelijkheid was wat de engel deed: hij meende een visioen te zien. Zij passeerden de eerste en de tweede wacht en kwamen aan de ijzeren poort die toegang gaf tot de stad; deze ging vanzelf voor hen open. Zij traden naar buiten, liepen een straat ver en eensklaps was de engel verdwenen. Toen kwam Petrus tot zichzelf en zei: "Nu weet ik zeker dat de Heer zijn engel heeft gezonden en mij heeft ontrukt aan de macht van Herodes en aan alles wat het volk der Joden verwachtte."

Tweede lezing : 2 Tim 4,6-8.17-18 . Verwijzing : 2 Tim 4,6-8.17-18 .

Dierbare, wat mij betreft, mijn bloed wordt weldra geplengd, het uur van mijn heengaan is nabij. Ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop voleind, het geloof bewaard. Nu wacht mij de krans der gerechtigheid waarmee de Heer, de rechtvaardige Rechter mij zal belonen op de grote dag, en niet alleen mij maar allen die met liefde uitzien naar zijn komst. Maar de Heer heeft mij terzijde gestaan en mij kracht gegeven om mijn ambt als prediker van het evangelie ten einde toe te vervullen, zodat alle volken ervan horen. En ik werd verlost uit de muil van de leeuw. En de Heer zal mij blijven beschermen tegen alle boze aanslagen en mij behouden overbrengen naar zijn hemels koninkrijk. Hem zij de heerlijkheid in de eeuwen der eeuwen! Amen.

Evangelie : Mt 16,13-19 . Verwijzing : Mt 16,13-19 .

In die tijd toen Jezus in de streek van Caesarea van Filippus gekomen was stelde Hij zijn leerlingen deze vraag: "Wie is volgens de opvatting van de mensen, de Mensenzoon?" Zij antwoordden: "Sommigen zeggen Johannes de Doper, anderen Elia, weer anderen Jeremia of een van de profeten." "Maar gij – sprak Hij tot hen – wie zegt gij dat Ik ben?" Simon Petrus antwoordde: "Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God." Jezus hernam: "Zalig zijt gij Simon, zoon van Jona, want niet vlees en bloed hebben u dit geopenbaard maar mijn Vader die in de hemel is. Op mijn beurt zeg Ik u: Gij zijt Petrus; en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen en de poorten der hel zullen haar niet overweldigen. Ik zal u de sleutels geven van het Rijk der hemelen en wat gij zult binden op aarde, zal ook in de hemel gebonden zijn en wat gij zult ontbinden op aarde, zal ook in de hemel ontbonden zijn."

08:04 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: liturgie, bijbel |  Facebook |

15-06-08

12DE (TWAALFDE) ZONDAG DOOR HET A-JAAR

Eerste lezing : Jr 20,10-13 . Verwijzing : Jr 20,10-13 .

Jeremia sprak: "Ik hoor velen fluisteren: Daar heb je 'Ontzetting-overal'. Breng hem aan. Ja, we brengen hem aan. Al mijn vrienden willen niets liever dan mij ten val brengen. Ze zeggen: Misschien laat hij zich misleiden, dan overmeesteren we hem en kunnen we ons op hem wreken. De Heer is bij mij als een machtig strijder. Mijn achtervolgers vallen neer, ze zullen niet overwinnen. Ze worden diep beschaamd, nooit bereiken ze iets. Hun schande duurt eeuwig, ze wordt nooit vergeten! Heer van de hemelse machten, die alles rechtvaardig onderzoekt, die hart en nieren doorgrondt, laat mij zien hoe Gij U op hen wreekt. Ik heb immers mijn zaak in uw handen gelegd. Zingt een lied, een loflied voor de Heer, want Hij heeft het leven van de arme uit de macht van de boosdoeners gered."

Tweede lezing : Rom 5,12-15 . Verwijzing : Rom 5,12-15 .

Broeders en zusters, door één mens is de zonde in de wereld gekomen en met de zonde de dood; en zo is de dood over alle mensen gekomen, aangezien allen gezondigd hebben. Er was immers reeds zonde in de wereld, vóór de wet er was. Maar zonde wordt niet aangerekend, waar geen wet is. Toch heeft de dood als koning geheerst in de tijd van Adam tot Mozes, dus ook over hen die zich niet op de wijze van Adam schuldig hadden gemaakt aan de overtreding van een gebod. Adam nu is het beeld van Hem die komen moest. Maar de genade van God laat zich niet afmeten naar de misstap van Adam. De fout van één mens bracht allen de dood, maar God schonk allen rijke vergoeding door de grote gave van zijn genade: de ene mens Jezus Christus.

Evangelie : Mt 10,26-33 . Verwijzing : Mt 10,26-33 .

In die tijd zei Jezus tot zijn apostelen: "Weest niet bang voor de mensen. Niets is bedekt of het zal onthuld, niets verborgen of het zal bekend worden. Wat Ik u zeg in het duister, spreekt dat uit in het licht, en wat ge u in het oor hoort fluisteren, verkondigt dat van de daken. Weest niet bevreesd voor hen die wel het lichaam kunnen doden maar niet de ziel; vreest veeleer Hem die én ziel én lichaam in het verderf kan storten in de hel. Verkoopt men niet twee mussen voor een stuiver? En toch zal buiten de wil van uw Vader niet één mus op de grond vallen. Bij u echter is zelfs ieder haar van uw hoofd geteld. Weest dus niet bevreesd; gij zijt toch méér waard dan een zwerm mussen. Ieder die Mij bij de mensen belijdt, zal ook Ik als de mijne erkennen bij mijn Vader die in de hemel is. Maar ieder die Mij zal verloochenen tegenover de mensen, hem zal ook Ik verloochenen tegenover mijn Vader die in de hemel is." 

14:26 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: liturgie, bijbel |  Facebook |

08-06-08

11DE (ELFDE) ZONDAG DOOR HET A-JAAR

Eerste lezing : Ex 19,2-6a . Verwijzing : Ex 19,2-6a .

In die dagen kwamen de Israëlieten in de Sinaïwoestijn waar zij dicht bij de berg hun kamp opsloegen. Mozes ging de berg op, naar God. Toen hij boven was sprak de Heer hem daar aan en zei: "Dit moet gij zeggen tot het huis van Jakob en doen weten aan de zonen van Israël. Met eigen ogen hebt gij gezien hoe Ik ben opgetreden tegen Egypte, hoe Ik u op arendsvleugelen gedragen en hier bij Mij gebracht heb. Als gij aan mijn woord gehoorzaamt en mijn verbond onderhoudt, dan zult ge – hoewel de hele aarde Mij toebehoort – van alle volken op bijzondere wijze mijn eigendom zijn. Gij zult mijn priesterlijk koninkrijk en mijn heilig volk zijn."

Tweede lezing : Rom 5,6-11 . Verwijzing : Rom 5,6-11 .

Broeders en zusters, Christus is voor goddelozen gestorvan op de gestelde tijd, toen wij zelf nog geheel hulpeloos waren. Men zal niet licht iemand vinden, die zijn leven geeft voor een rechtvaardige, al zou misschien iemand in een bepaald geval dit van zich kunnen verkrijgen. God echter bewijst zijn liefde voor ons juist hierdoor, dat Christus voor ons is gestorven, toen wij nog zondaars waren. Des te zekerder zullen wij, nu wij eenmaal gerechtvaardigd zijn door zijn bloed, dank zij Hem ontkomen aan de toorn. Toen wij vijanden waren, zijn wij met God verzoend door de dood van zijn Zoon; des te zekerder zullen wij, eenmaal verzoend, gered worden door zijn leven. En dat niet alleen: nu reeds juichen wij in God door Jezus Christus onze Heer, door wie wij de verzoening hebben ontvangen.

Evangelie : Mt 9,36 – 10,8 . Verwijzing : Mt 9,36 - 10,8 .

In die tijd werd Jezus bij het zien van de menigte door medelijden bewogen, omdat ze afgetobd neerlagen als schapen zonder herder. Toen sprak Hij tot zijn leerlingen: "De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig. Vraagt daarom de Heer van de oogst arbeiders te sturen om te oogsten." Hij riep zijn twaalf leerlingen bij zich en gaf hun de macht om de onreine geesten uit te drijven en alle ziekten en kwalen te genezen. Dit zijn de namen van de twaalf apostelen: als eerste, Simon die Petrus wordt genoemd, met zijn broer Andreas, Jakobus, de zoon van Zebedeüs, met zijn broer Johannes; Filippus en Bartolomeüs, Tomas en Matteüs de tollenaar, Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Taddeüs, Simon de IJveraar en Judas Iskariot, die Hem verraden heeft. Deze twaalf zond Jezus uit met de opdracht: "Begeeft u niet onder de heidenen en gaat niet binnen in een stad van de Samaritanen; gij moet veeleer gaan naar de verloren schapen van het huis van Israël. Verkondigt op uw tocht: Het Koninkrijk der hemelen is nabij. Geneest zieken, wekt doden op, reinigt melaatsen en drijft duivels uit. Voor niets hebt gij ontvangen, voor niets moet gij geven."

06:29 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: liturgie, bijbel |  Facebook |

01-06-08

10DE (TIENDE) ZONDAG DOOR HET A-JAAR

Eerste lezing : Hos 6,1a.3-6 . Verwijzing : Hos 6,1a.3-6

Zo spreekt de Heer: "In hun nood zullen zij naar Mij uitzien en zeggen: Wij willen de Heer liefhebben, ons inspannen om Hem te kennen. Zo zeker als de dageraad vertoont Hij zich, komt Hij over ons als de regen, als de lenteregen die de aarde drenkt. Wat moet Ik met u beginnen, Efraïm? Wat moet Ik met u beginnen, Juda? Uw vroomheid is als de morgennevel, als de dauw die vroeg in de morgen verdwijnt. Daarom heb Ik op u ingeslagen door de profeten, heb Ik de dood gebracht door de woorden van mijn mond: mijn oordeel brak door als het licht. Want vroomheid wens Ik, geen offergaven, en liefde voor God meer dan brandoffers."

Tweede lezing : Rom 4,18-25 . Verwijzing : Rom 4,18-25 .

Broeders en zusters, tegen alle hoop in heeft Abram gehoopt, en geloofd dat hij vader zou worden van vele volken, gelijk hem gezegd was: Zo talrijk zal uw nageslacht zijn. Zijn geloof verflauwde niet, toen hij, de honderdjarige, dacht aan zijn eigen afgeleefd lichaam en aan de dorre schoot van Sara. Hij twijfelde geen ogenblik aan Gods belofte. Integendeel, hij heeft God geëerd door de kracht van zijn geloof, door zijn vaste overtuiging dat God bij machte is te volvoeren wat Hij heeft toegezegd. Daarom werd het hem als gerechtigheid aangerekend. Deze woorden werden niet alleen neergeschreven om zijnentwille, maar ook om ons, wie het geloven eveneens zal worden aangerekend, daar wij geloven in Hem die Jezus onze Heer van de doden heeft opgewekt: Jezus die is overgeleverd om onze misslagen en is opgewekt om onze rechtvaardiging.  <>

<>Evangelie : Mt 9,9-13 . Verwijzing : Mt 9,9-13 . In die tijd trok Jezus verder. Hij zag iemand aan het tolhuis zitten die Matteüs heette, en Hij zei tot hem: 'Volg Mij'. De man stond op en volgde Hem. Terwijl Hij nu in diens woning aan tafel aanlag, kwamen ook vele tollenaars en zondaars met Jezus en zijn leerlingen aanliggen. Toen de Farizeeën dat zagen, zeiden ze tot zijn leerlingen: "Waarom eet uw Meester met tollenaars en zondaars?" Jezus hoorde dit en zei: "Niet de gezonden hebben een dokter nodig, maar de zieken. Gaat heen en leert wat het zeggen wil: Ik wil liever barmhartigheid dan offers. Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar zondaars."

<>

 

15:58 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

26-05-08

9de (negende) zondag door het a-jaar

Eerste lezing : Deuteronomium 11,18.26-28 . Verwijzing : Dt 11,18.26-28 .

Mozes sprak tot het volk: "Prent mijn woorden in uw hart en in uw ziel, bindt ze als een teken op uw hand en draag ze als een band om uw voorhoofd. Zo stel ik u heden zegen voor en vloek: zegen als gij gehoorzaamt aan de geboden van de Heer, die ik u heden geef; vloek als gij aan zijn geboden niet gehoorzaamt en afwijkt van de weg die ik u heden voorschrijf, door achter andere goden aan te lopen, die gij niet kent."

Tweede lezing : Romeinen 3,21-25a.28 . Verwijzing : Rom 3,21-25a.28 .

Broeders en zusters, nu is, buiten de wet om, Gods gerechtigheid openbaar geworden, waarvan de wet en de profeten getuigenis afleggen: Gods gerechtigheid, die zich door het geloof in Jezus Christus meedeelt aan allen die geloven, zonder enig onderscheid. Want allen hebben gezondigd en allen zijn verstoken van de goddelijke heerlijkheid. En allen worden zij om niet door zijn genade gerechtvaardigd, krachtens de verlossing die in Christus Jezus is. Hem heeft God, voor wie gelooft, aangewezen als zoenoffer door zijn bloed. Ik beweer dat de mens gerechtvaardigd wordt door te geloven, niet door de wet te onderhouden.

Evangelie : Matteüs 7,21-27 . Verwijzing : Mt 7,21-27 .

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: "Niet ieder die tot Mij zegt: Heer, Heer! zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar hij die de wil doet van mijn Vader die in de hemel is. Velen zullen op die dag tot Mij zeggen: Heer, Heer, hebben wij niet in uw Naam geprofeteerd en hebben wij niet in uw Naam duivels uitgedreven en in uw Naam veel wonderen gedaan? Maar dan zal Ik hun onomwonden verklaren: Nooit heb ik u gekend; gaat weg van Mij, gij die ongerechtigheid doet! Ieder nu, die deze woorden van Mij hoort en ernaar handelt, kan men vergelijken met een verstandig man die zijn huis op rotsgrond bouwde. De regen viel neer, de bergstromen kwamen omlaag, de storm stak op en zij stortten zich op dat huis, maar het viel niet in, want het stond gegrondvest op de rots. Maar ieder die deze woorden van Mij hoort, doch er niet naar handelt kan men vergelijken met een dwaas die zijn huis bouwde op het zand. De regen viel neer, de bergstromen kwamen omlaag, de storm stak op en zij beukten dat huis, zodat het volledig verwoest werd."


11:23 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-01-08

DOOPSEL VAN CHRISTUS A

Eerste lezing : Jesaja 42,1-4.6-7

Zo spreekt de Heer: "Dit is mijn Dienaar die Ik ondersteun, mijn uitverkorene in wie Ik behagen schep: Mijn geest stort Ik over Hem uit, gerechtigheid laat Hij stralen over de volken. Hij roept niet, Hij schreeuwt niet en op straat verheft Hij zijn stem niet. Het geknakte riet zal Hij niet breken, de kwijnende vlaspit niet doven, in waarheid zal Hij de gerechtigheid laten stralen. Onvermoeid en ongebroken zal Hij op aarde gerechtigheid laten zegevieren: de verre kusten zien uit naar zijn leer. Ik, de Heer, roep U in gerechtigheid, Ik neem U bij de hand en waak over U en maak U voor de mensen tot het teken van mijn verbond en tot een licht voor de volken. Blinden zult Gij de ogen openen, gevangenen uit hun kerker bevrijden en uit de gevangenis allen die in duisternis zitten."

Tweede lezing : Handelingen 10,34-38

Broeders en zusters, in die tijd nam Petrus het woord en sprak: "Nu besef ik pas goed, dat er bij God geen aanzien des persoons bestaat, maar dat, uit welk volk ook, ieder die Hem vreest en het goede doet Hem welgevallig is. Het woord heeft Hij tot de zonen van Israël gezonden toen Hij door Jezus Christus de blijde boodschap van vrede verkondigde: Deze is de Heer van allen. Gij weet wat er overal in Judea gebeurd is; hoe Jezus van Nazaret zijn optreden begon in Galilea na het doopsel dat Johannes predikte, en hoe God Hem gezalfd heeft met de heilige Geest en met kracht. Hij ging weldoende rond en genas allen die onder de dwingelandij van de duivel stonden, want God was met Hem."

Evangelie : Matteüs 3,13-17

In die tijd kwam Jezus uit Galilea naar de Jordaan tot Johannes om zich door hem te laten dopen. Maar Johannes wilde Hem tegenhouden met de woorden: "Ik heb úw doopsel nodig, en Gij komt tot mij?" Jezus antwoordde: "Laat het nu zijn; want zo past het ons al wat is vastgesteld te volbrengen." Toen liet Johannes Hem toe. Nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij terstond uit het water. En zie, daar ging de hemel open en Hij zag de Geest Gods neerdalen in de gedaante van een duif en over zich komen. En een stem uit de hemel sprak: "Dit is mijn Zoon, mijn veelgeliefde, in wie Ik welbehagen heb."

 


17:40 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

28-12-07

HEILIGE FAMILIE A

Eerste lezing : Wijsheid van Jezus Sirach 3,2-7.12-14   <>

<>De Heer heeft een vader aangesteld over de kinderen; en de moeder recht gegeven over haar zonen. Wie zijn vader eerbiedigt krijgt vergiffenis van zonden en als iemand die schatten verzamelt is hij die zijn moeder eert. Wie zijn vader eert, beleeft vreugde aan zijn kinderen, en wanneer hij bidt wordt hij verhoord. Wie zijn vader eert zal een lang leven genieten en wie zijn vader gehoorzaamt verkwikt het hart van zijn moeder. Wie de Heer vreest, eert zijn ouders en zal als zijn meesters dienen die hem hebben voortgebracht. Kind, draag zorg voor uw vader op zijn oude dag en doe hem geen verdriet zolang hij leeft. Op de dag dat je in nood zijt, wordt aan u gedacht; gij die nog in volle kracht zijt, veracht uw vader niet. Medelijden met uw vader zal niet worden vergeten, anders dan de zonden bouwt zij uw huis op.

<>

Tweede lezing : Kolossenzen 3,12-21

Broeders en zusters, bekleedt u dan, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen met tedere ontferming, goedheid, deemoed, zachtheid en geduld. Verdraagt elkander en vergeeft elkander als de een tegen de ander een grief heeft. Zoals de Heer u vergeven heeft zo moet ook gij vergeven. Voegt bij dit alles de liefde als de band der volmaaktheid. En laat de vrede van Christus heersen in uw hart; daartoe zijt gij immers geroepen, als leden van één lichaam. En weest dankbaar. Het woord van Christus moge in volle rijkdom onder u wonen. Leert en vermaant elkander met alle wijsheid. Zingt voor God met een dankbaar hart psalmen, hymnen en liederen, ingegeven door de Geest. En al wat gij doet in woord of werk doet alles in de naam van Jezus de Heer, God de Vader dankend door Hem. Vrouwen, weest uw man onderdanig, zoals het christenen betaamt. Mannen, hebt uw vrouw lief en weest niet humeurig tegen haar. Kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles, want dit is de Heer welgevallig. Vaders, tergt uw kinderen niet, opdat zij de moed niet verliezen.

Evangelie : Matteüs 2,13-15.19-23

Toen de Wijzen waren heengegaan, verscheen een engel van de Heer in een droom aan Jozef en sprak: "Sta op, neem het Kind en zijn moeder, vlucht naar Egypte en blijf daar tot ik u waarschuw, want Herodes komt het kind zoeken om het te doden." Hij stond op en week in de nacht met het kind en zijn moeder naar Egypte uit. Daar bleef hij tot aan de dood van Herodes, opdat in vervulling zou gaan wat de Heer gesproken had door de profeet: "Ik heb mijn zoon geroepen uit Egypte." Nadat Herodes gestorven was, verscheen in Egypte een engel van de Heer in een droom aan Jozef en zei: "Sta op, neem het kind en zijn moeder en trek naar het land Israël, want die het kind naar het leven stonden zijn gestorven." Hij stond op, nam het kind en zijn moeder en ging naar het land Israël. Toen hij echter hoorde, dat Archelaüs in plaats van zijn vader Herodes over Juda heerste, vreesde hij daarheen te gaan; van Godswege in een droom ingelicht, begaf hij zich daarom naar het gebied van Galilea. Hier aangekomen vestigde hij zich in een stad, Nazaret geheten, opdat in vervulling zou gaan wat door de profeten gezegd was: "Hij zal een Nazoreeër genoemd worden."

08:32 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

21-12-07

KERSTMIS (DAGMIS) A - B - C

Eerste lezing : Jesaja 52,7-10

Hoe liefelijk op de bergen de voeten van de vreugdebode, die vrede meldt, goed nieuws verkondigt, die heil komt melden, die zegt tot Sion: Uw God regeert! Hoort! Uw torenwachters verheffen hun stem, zij jubelen tegelijk want zij zien, oog in oog de terugkeer van de Heer naar Sion. Barst los in jubel, allen samen, puinen van Jeruzalem, want de Heer heeft zijn volk getroost; hij heeft Jeruzalem verlost. De Heer heeft zijn heilige arm ontbloot voor de ogen van alle volkeren; en alle grenzen der aarde hebben het heil van onze God aanschouwd.

Tweede lezing : Hebreeën 1,1-6

Broeders en zusters, nadat God eertijds vele malen en op velerlei wijzen tot onze vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij nu, op het einde der tijden, tot ons gesproken door de Zoon, die Hij erfgenaam gemaakt heeft van al wat bestaat en door wie Hij het heelal heeft geschapen. Hij is de afstraling van Gods heerlijkheid en het evenbeeld van zijn wezen. Hij houdt alles in stand door zijn machtig woord. En na de reiniging der zonden te hebben voltrokken heeft Hij zich neergezet ter rechterzijde van de majesteit in den hoge, ver verheven boven de engelen, zoals Hij hen ook overtreft in de waardigheid die zijn deel is geworden. Heeft God ooit tot een engel gezegd: "Gij zijt mijn Zoon; Ik heb U heden verwekt"? Of: "Ik zal een vader voor Hem zijn en Hij zal mijn zoon zijn"? Wanneer Hij evenwel de Eerstgeborene opnieuw de wereld binnenleidt zegt Hij: "Alle engelen Gods moeten Hem hulde brengen."

Evangelie : Johannes 1,1-5.9-14

In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. Dit was in het begin bij God. Alles is door Hem geworden en zonder Hem is niets geworden van wat geworden is. In Hem was leven en dat leven was het licht der mensen. En het licht schijnt in de duisternis maar de duisternis nam het niet aan. Het ware Licht dat iedere mens verlicht kwam in de wereld. Hij was in de wereld; de wereld was door Hem geworden en toch erkende de wereld Hem niet. Hij kwam in het zijne, maar de zijnen aanvaardden Hem niet. Aan allen echter die Hem wel aanvaardden, aan hen die in zijn Naam geloven gaf Hij het vermogen kinderen van God te worden. Zij zijn niet uit bloed noch uit begeerte van het vlees of de wil van een man, maar uit God geboren. Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond. Wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, zulk een heerlijkheid als de Eniggeborene van de Vader ontvangt, vol genade en waarheid.

07:34 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

KERSTMIS (NACHTMIS) A

LEZINGEN

Eerste lezing : Jesaja 9,1-3.5-6

Het volk dat in het donker wandelt ziet een groot licht; een licht straalt over hen die wonen in het land van doodse duisternis. Gij hebt hun blijdschap vermeerderd, hun vreugde vergroot. Voor uw aanschijn zijn zij vol vreugde, een vreugde als die om de oogst, als die van mensen, die jubelen bij het verdelen van de buit. Want het juk dat zwaar op het volk drukte, de stang op hun schouders en de stok van hundrijver: Gij hebt ze stukgebroken als op de dagen van Midjan. Want een Kind is ons geboren, een Zoon werd ons geschonken; Hem wordt de macht op de schouders gelegd en men noemt Hem: Wonderbare Raadsman, Goddelijke Held, eeuwige Vader, Vredevorst. Een grote macht en een onbeperkte welvaart zullen toevallen aan Davids troon en aan zijn koninkrijk, zodat het gegrondvest zal zijn en stevig gebouwd op recht en gerechtigheid van nu af tot in eeuwigheid. De ijver van de Heer der Hemelse Machten brengt het tot stand.

Tweede lezing : Titus 2,11-14

Dierbare, de genade van God, bron van heil voor alle mensen, is op aarde verschenen. Zij leert ons goddeloosheid en wereldse begeerten te verzaken en bezonnen, rechtvaardig en vroom te leven in deze tijd, terwijl wij uitzien naar de zalige vervulling van onze hoop, de openbaring van de heerlijkheid van onze grote God en Heiland Christus Jezus. Hij heeft zichzelf voor ons gegeven om ons van alle ongerechtigheid te verlossen, en ons te maken tot zijn eigen volk, gereinigd van zonde, vol ijver voor alle goeds.

Evangelie : Lucas 2,1-14

In die dagen kwam er een besluit van keizer Augustus dat er een volkstelling moest gehouden worden in heel zijn rijk. Deze volkstelling vond plaats eer Quirinius landvoogd van Syrië was. Allen gingen op reis, ieder naar zijn eigen stad, om zich te laten inschrijven. Ook Jozef trok op en omdat hij behoorde tot het huis en geslacht van David, ging hij van Galilea, uit de stad Nazaret naar Judea: naar de stad van David, Betlehem geheten, om zich te laten inschrijven, samen met Maria zijn verloofde die zwanger was. Terwijl zij daar verbleven brak het uur aan waarop zij moeder zou worden; zij bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Zij wikkelde Hem in doeken en legde Hem neer in een kribbe, omdat er voor hen geen plaats was in de herberg. In de omgeving bevonden zich herders die in het open veld gedurende de nacht hun kudde bewaakten. Plotseling stond een engel des Heren voor hen en zij werden omstraald door de glorie des Heren zodat zij door grote vrees werden bevangen. Maar de engel sprak tot hen: "Vreest niet, want zie, ik verkondig u een vreugdevolle boodschap die bestemd is voor heel het volk. Heden is u een Redder geboren, Christus de Heer, in de stad van David. En dit zal voor u een teken zijn: gij zult het pasgeboren kind vinden in doeken gewikkeld en liggend in een kribbe." Opeens voegde zich bij de engel een hemelse heerschare, zij verheerlijkten God met de woorden: "Eer aan God in den hoge en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij welbehagen heeft."

07:24 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

16-12-07

4DE (VIERDE) ZONDAG VAN DE ADVENT A

Eerste lezing : Jesaja 7,10-14

In die dagen sprak Jesaja tot Achaz: "Vraag de Heer, uw God, om een teken, hetzij hoog aan de hemel of diep in de hel." Maar Achaz antwoordde: "Ik vraag niet om een teken; ik wil de Heer niet op de proef stellen." En Jesaja sprak: "Luister dan, Huis van David, is het u niet genoeg mensen te ergeren, dat gij ook mijn God tot ergernis wilt zijn? Daarom geeft de Heer u ook ongevraagd een teken: Zie, de jonge vrouw zal ontvangen en een zoon baren, en zij zal hem noemen 'Immanuël', 'God-met-ons'.

Tweede lezing : Romeinen 1,1-7

Van Paulus, dienstknecht van Christus Jezus, door Gods roeping apostel, bestemd voor de dienst van het evangelie, dat God eertijds door zijn profeten in de heilige geschriften heeft aangekondigd. Het is de boodschap over zijn Zoon, die naar het vlees geboren is uit het geslacht van David, die naar de heilige Geest is aangewezen als Zoon van God, door Gods almachtige daad, door zijn opstanding uit de doden, Jezus Christus onze Heer. Door Hem heb ik de genade van het apostelschap ontvangen, om ter ere van zijn naam onder alle volken mensen te brengen tot de gehoorzaamheid van het geloof. Ook gij hoort bij hen, geroepen als gij zijt door God tot de gemeenschap van Jezus Christus. Ik zend mijn groeten aan u allen in Rome: God heeft u lief en riep u tot zijn heilige gemeente. Genade en vrede voor u vanwege God onze Vader en de Heer Jezus Christus!

Evangelie : Matteüs 1,18-24

De geboorte van Jezus Christus vond plaats op deze wijze: Toen zijn moeder Maria verloofd was met Jozef, bleek zij, voordat ze gingen samenwonen, zwanger van de heilige Geest. Omdat Jozef, haar man, rechtschapen was en haar niet in opspraak wilde brengen, dacht hij erover in stilte van haar te scheiden. Terwijl hij dit overwoog, verscheen hem in een droom een engel van de Heer die tot hem sprak: "Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen; het kind in haar schoot is van de heilige Geest. Zij zal een zoon ter wereld brengen die gij Jezus moet noemen, want hij zal zijn volk redden uit hun zonden." Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden wat de Heer gesproken heeft door de profeet, die zegt: "Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon ter wereld brengen, en men zal Hem de naam Immanuël geven." Dat is in vertaling: God met ons. Ontwaakt uit de slaap deed Jozef zoals de engel van de Heer hem bevolen had en nam zijn vrouw tot zich.

08:58 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

09-12-07

3DE (DERDE) ZONDAG VAN DE ADVENT A

Eerste lezing : Jesaja 35,1-6a.10

Zo spreekt de Heer: "Woestijn en steppe zullen zich verheugen, jubelen en bloeien de dorre vlakte. Pronken zal zij met lelies, van blijdschap jubelen en juichen. De glorie van de Libanon valt haar ten deel, de luister van Karmel en Sjaron. Zij zullen de glorie van de Heer aanschouwen, de luister van onze God. Maak slappe handen sterk, geef kracht aan knikkende knieën. Spreek tot allen die de moed verloren hebben: Vat moed en vreest niet: Uw God komt om de wraak te voltrekken, God komt om te vergelden en u te redden. Dan gaan de ogen van de blinden weer open en zullen de oren van de doven geopend worden. De lamme zal springen als een hert en jubelen zal de tong van de stomme. Degenen die door de Heer verlost zijn, zullen weer terugkeren. Jubelend komen zij naar Sion, hun hoofden omgeven met eeuwige vreugde. Zij zullen vreugde verkrijgen en blijdschap, en pijn en gejammer nemen de vlucht."

Tweede lezing : Jakobus 5,7-10

Broeders en zusters, hebt geduld tot de komst van de Heer. De boer die uitziet naar de heerlijke vrucht van zijn land, kan alleen maar geduldig wachten, totdat de winter- en voorjaarsregens gevallen zijn. Ook gij moet geduldig zijn en moedig, want de komst van de Heer is nabij. Klaagt elkaar niet aan; dan valt ge zelf onder het oordeel. Denkt eraan: de rechter staat al voor de deur. Broeders en zusters, neemt een voorbeeld aan de lijdzaamheid en het geduld van de profeten, die gesproken hebben in de naam van de Heer.

Evangelie : Matteüs 11,2-11

In die tijd hoorde Johannes in de gevangenis over de werken van de Christus en hij liet Hem door zijn leerlingen de vraag stellen: "Zijt Gij de komende, of hebben wij een ander te verwachten?" Jezus antwoordde hun: "Gaat aan Johannes zeggen wat gij hoort en ziet: blinden zien en lammen lopen, melaatsen genezen en doven horen, doden staan op en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd. Gelukkig is hij die aan Mij geen aanstoot neemt." Toen zij vertrokken waren, begon Jezus tot de menigte te spreken over Johannes: "Waar zijt gij in de woestijn naar gaan zien? Naar een riethalm door de wind bewogen? Waar zijt gij dan wél naar gaan zien? Naar iemand in verfijnde kleding? Die verfijnde kleding dragen zijn te vinden in de paleizen der koningen. Waartoe zijt gij dan uitgetrokken? Om een profeet te zien? Inderdaad, zeg Ik u, zelfs meer dan een profeet! Hij is het over wie geschreven staat: Zie, ik zend mijn bode voor U uit die de weg voor uw komst zal bereiden. Voorwaar Ik zeg u: Onder wie uit vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan die groter is dan Johannes de Doper. Niettemin is de kleinste in het Rijk der hemelen groter dan hij".

12:17 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

27-11-07

2DE (TWEEDE) ZONDAG VAN DE ADVENT A

Eerste lezing : Jesaja 11,1-10

In die dagen zal een twijg ontspruiten aan de stronk van Isaï, een scheut aan zijn wortels zal vruchten dragen. De geest van de Heer zal op hem rusten, de geest van wijsheid en verstand, de geest van raad en heldenmoed, de geest van liefde en vreze des Heren, deze vreze des Heren zal hij uitstralen. Hij zal geen oordeel vellen naar uiterlijke schijn, geen uitspraak doen op grond van geruchten. De kleinen zal hij recht verschaffen, een eerlijk vonnis over de geringsten der aarde, maar de uitbuiter zal hij striemen met de gesel van zijn mond, en de boosdoener doden met de adem van zijn lippen. Gerechtigheid wordt de gordel om zijn heupen, onkreukbaarheid de band om zijn lenden. Dan huist de wolf bij het lam, vlijt de panter zich neer naast het geitje, grazen tezamen het kalf en het leeuwenjong, een kleuter kan ze weiden! Koe en berin hebben vriendschap gesloten, hun jongen liggen naast elkaar, en de leeuw vreet hooi met het rund. De zuigeling speelt bij het hol van de adder, en het kleine kind steekt zijn handje in het nest van de slang! Dan zondigt niemand meer, doet niemand meer kwaad op heel mijn heilige berg, maar zal de gehele aarde vervuld zijn met liefde tot God, zoals de zeebodem bedolven is onder het water. Op die dag zal de wortel van Isaï opgericht staan als banier voor de volken: alle naties zullen naar hem toestromen. En zijn troon zal luisterrijk zijn!

Tweede lezing : Romeinen 15,4-9

Broeders en zusters, alles wat eertijds werd opgeschreven, werd opgetekend tot onze lering, opdat wij door de volharding en de vertroosting die wij putten uit de Schrift in hoop zouden leven. God, die de volharding en de vertroosting schenkt, verlene u ook eensgezindheid in de geest van Christus Jezus, opdat gij één van hart en uit één mond de God en Vader van onze Heer Jezus Christus moogt verheerlijken. Aanvaardt daarom elkander als leden van één gemeenschap, zoals ook Christus ons in zijn gemeenschap heeft opgenomen, ter ere Gods. Ik bedoel dit: terwille van Gods trouw is Christus dienaar geweest van het Joodse volk, om de beloften aan da aartsvaders waar te maken; maar de heidenen moeten God verheerlijken om zijn erbarming, volgens het woord van de Schrift: "Daarom zal ik U loven onder de heidenen en uw naam met psalmen prijzen."

Evangelie : Matteüs 3,1-12

In die tijd trad Johannes de Doper op en predikte in de woestijn van Juda: "Bekeert u, want het Rijk der hemelen is nabij. Deze toch is het die de profeet Jesaja bedoelde, toen hij zeide: Een stem van iemand die roept in de woestijn: Bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht." Johannes nu droeg een kleed van kameelhaar en een leren gordel om zijn lenden. Zijn voedsel bestond uit sprinkhanen en wilde honing. Toen trok Jeruzalem, Judea en heel de Jordaanstreek naar hem uit en zij lieten zich door hem dopen in rivier de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden. Maar toen hij vele Farizeeën en Sadduceeen zag komen om gedoopt te worden, sprak hij tot hen: "Adderengebroed, wie heeft u voorgespiegeld, dat ge de dreigende toorn kunt ontvluchten? Brengt liever vruchten voort die passen bij bekering, en neemt niet een houding aan alsof ge bij uzelf zegt: Wij hebben Abraham tot vader! Waarachtig, ik zeg u, dat God de macht bezit voor Abraham uit deze stenen kinderen te verwekken! Reeds ligt de bijl aan de wortel van de bomen. Elke boom dus die geen goede vrucht draagt, wordt omgeknapt en in het vuur geworpen. Ik doop u met water, opdat ge u zoudt bekeren; maar Hij die na mij komt, is sterker dan ik, en ik ben niet waardig Hem van zijn sandalen te ontdoen. Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur. De wan heeft Hij in zijn hand en Hij zal zijn dorsvloer grondig zuiveren; zijn tarwe zal Hij in de schuur verzamelen, maar het kaf verbrandan in onblusbaar vuur."

07:23 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |

06-11-07

1STE (EERSTE) ZONDAG VAN DE ADVENT A

Eerste lezing : Jesaja 2,1-5

Visioen van Jesaja, de zoon van Amos, over Juda en Jeruzalem. Op het einde der dagen zal de berg waarop de tempel van de Heer staat, oprijzen boven alle bergen en uitsteken boven alle heuvels. Alle volkeren zullen erheen stromen en talloze naties erheen trekken. Zij zullen zeggen: "Kom, laat ons optrekken naar de berg van de Heer, naar de tempel van Jakobs God. Hij zal ons zijn wegen wijzen en wij zullen zijn paden bewandelen. Want uit Sion komt de Wet, het Woord van de Heer uit Jeruzalem. Oordelen zal Hij de volkeren, rechtspreken over de talloze naties. Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers, hun speren tot sikkels. Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander, en niemand zal nog leren oorlog voeren. Huis van Jakob, kom, laat ons wandelen in het licht van de Heer."

Tweede lezing : Romeinen 13,11-14

Broeders en zusters, gij weet dat het uur om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Thans is ons heil dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken der duisternis en ons wapenen met het licht. Laten wij ons behoorlijk gedragen als op klaarlichte dag, en ons onthouden van braspartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd. Bekleedt u met de Heer Jezus Christus en koestert geen zondige begeerten meer.

Evangelie : Matteüs 24,37-44

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: "Zoals het ging in de dagen van Noach, zo zal het gaan bij de komst van de Mensenzoon. Zoals de mensen in de dagen vóór de zondvloed doorgingen met eten en drinken, met huwen en ten huwelijk geven, tot op de dag waarop Noach de ark binnenging, en zij niets vermoedden totdat de zondvloed kwam en allen wegrukte: zo zal het gaan bij de komst van de Mensenzoon. Dan zullen er twee op de akker zijn: de een wordt meegenomen, de ander achtergelaten; twee vrouwen zullen met de molen aan het malen zijn: de een wordt meegenomen, de andere achtergelaten. Weest dus waakzaam, want gij weet niet op welke dag uw Heer komt. Begrijpt dit wel: als de eigenaar van het huis wist op welk uur van de nacht de dief zou komen, zou hij blijven waken en in zijn huis niet laten inbreken. Weest ook gij dus bereid, omdat de Mensenzoon komt op het uur waarop gij het niet verwacht."

09:07 Gepost door BIJBELLEERHUIS in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: bijbel, liturgie |  Facebook |